MO logo.jpg

Een korte geschiedenis van Opal

  "En zie! De prachtige opaal -  

Dat zeldzame en wonderlijke juweel -

Waar de maan en de zon samenvloeien

is het kind dat hun is geboren"

        - Ella Wheeler Wilcox

Vanwege zijn unieke kleurenspel en zijn eigen mysterieuze "leven", is de Opal onderworpen aan bijgeloof en mythe. Opaal zou ziektes afweren en werd daarom in amuletten gedragen.

In de Romeinse tijd werd het opgenomen in de kroon van de Heilige Roomse keizer en stond het bekend als "Cupido Paederos" - Kind Mooi van Liefde. De Romeinse senator Nonius gaf de voorkeur aan ballingschap in plaats van zijn waardevolle Opaal aan Marcus Antonius te verkopen om hem aan Cleopatra te presenteren.

Mensen van het Oosten beschouwden de Opaal als een "Anker van Hoop", terwijl Arabieren geloofden dat Opalen magische stenen waren die uit de lucht waren gevallen. De Engelse schrijver van Medievil, Batman, zei dat de Opal vele deugden had, waaronder de kracht van vooruitziendheid. Een merkwaardig geloof ontwikkelde zich in Polen, waar in 1075, zoals vermeld in het Lapidarium van Marbodius, de briljante steen bevoegdheden kreeg om een drager onzichtbaar te maken. Opalen werden daarom "Diefstenen" genoemd, omdat criminelen de edelstenen konden gebruiken om hun dievendaden ongezien te plegen!

Deze vroege referenties gaan terug tot 250 voor Christus. Het is waarschijnlijk dat deze stenen afkomstig waren uit mijnen in Hongarije (nu Oost-Slowakije) bij de berg Simonka en de berg Libanka bij Presov, waar de productie in 1932 stopte. De mijnen konden niet concurreren met de aanvoer en veruit superieure kwaliteit van de Ausralische edelstenen.

Koningin Victoria hield zo veel van de Australian Opal en maakte Opal populair door er een aan elk van haar kinderen te schenken.

Adembenemende schoonheid, mysterieuze gloed, onvoorstelbare waarde - de attributen die de Australian Opal worden gegeven zijn ontelbaar en vol superlatieven.

Er is echt iets buitengewoons, zeldzaams en vrij ongrijpbaars aan de Opaal - een speciaal gevoel dat geen enkele andere edelsteen een waarnemer kan geven. Het is een steen die mystieke beelden oproept binnen de diepte van zijn flitsende kleuren en sprankelende schittering. De Opaal is een schat, een magische spiegel die ons de zeldzame schoonheid van het eigen vuurwerk van de natuur laat zien.

De Australische opaalvelden in wat nu halfdroge woestijnen zijn, waren ooit onder de zee, dus opalen fossielen worden af en toe opgegraven - opaal hout, prehistorische dierlijke botten, zeedieren, volle zeeschelpen, huidschelpen, sponzen, visskeletten en zelfs stengels van planten. Er zijn plesiosaurusbotten gedolven in Coober Pedy, maar allemaal zonder hoofd!

In de eerste eeuw na Christus schreef Plinius over de Opaal: "... Want daarin zul je het levende vuur van de robijn zien, het glorieuze paars van de amethist, het zeegroen van de smaragd, allemaal samen schitteren in een ongelooflijk beeld van licht", en later zou Shakespeare het omschrijven als de "Koningin van de edelstenen".